Nour woont met haar familie in een armoedige kamer van amper twee vierkante meter met rudimentaire voorzieningen in een sloppenwijk in de hoofdstad, Sana'a. Hoewel ze ernstig ondervoed was, werd ze door de slechte financiële situatie van haar familie niet meteen naar een gezondheidscentrum gebracht voor een behandeling. Ook realiseerden haar ouders zich de ernst van de situatie niet.