Bijgewerkt op 9 juni 2026
Ebola-uitbraak
UNICEF schaalt zijn noodhulp op in reactie op de ebola-uitbraak in de DRC en Oeganda. Het gaat om een specifieke versie van het virus, de Bundibugyo-variant, waarvoor momenteel geen vaccins of goedgekeurde behandelingen bestaan. De Wereldgezondheidsorganisatie heeft de situatie uitgeroepen tot een internationale noodsituatie op het gebied van volksgezondheid.
Sinds 2 juni zijn in de DRC al 363 bevestigde personen vastgesteld die besmet zijn geraakt met het ebolavirus, waaronder 62 doden. Ook in Oeganda raakten 15 personen besmet, met 1 sterfgeval. De uitbraak verspreidt zich verder naar grote bevolkingscentra en over de landsgrenzen heen, onder meer naar Bunia, Goma en Kampala.
De situatie is extra zorgwekkend door de onveiligheid, beperkte toegang tot getroffen gebieden en hoge mobiliteit van de mensen, waardoor het virus zich snel kan verspreiden. Kinderen lopen hierbij bijzonder hoge risico’s, niet alleen door besmetting, maar ook door het verlies van ouders, verstoring van cruciale basisdiensten en psychosociale gevolgen.
UNICEF stuurde al een eerste internationale zending van noodvoorraden naar Ituri, het noordoosten van de Democratische Republiek Congo. Het gaat om meer dan 100 ton aan levensreddende humanitaire hulpgoederen, zoals medicijnen, hygiënematrialen en andere medische benodgdheden, ondersteund door de Civil Protection and Humanitarian Aid Operations (ECHO). Die voorraden zullen bijna 100.000 mensen ondersteunen, waaronder kinderen en gezinnen die al leven in een kwetsbare situatie door volksverplaatsingen, conflicten en beperkte toegang tot basisvoorzieningen.
- We brengen dringend hygiëne- en beschermingsmateriaal naar getroffen gebieden, zoals zeep, ontsmettingsmiddelen en waterzuiveringstabletten;
- We sturen extra noodhulpexperts ter plaatse om gezondheidsdiensten en lokale teams te ondersteunen;
- We informeren gezinnen over hoe ze besmetting kunnen voorkomen en hun kinderen beter kunnen beschermen.
"Dit is niet de eerste keer dat de DRC te maken heeft met een ebola-uitbraak zonder vaccins of specifieke behandelingen. We weten uit eerdere uitbraken dat sterke bestrijdingsmaatregelen, een diepe betrokkenheid van de gemeenschap zelf en snelle coördinatie een groot verschil kunnen maken bij het indammen van het virus", zegt Amedee Prosper Djiguimde, hoofd van de gezondheidsdienst in de DRC.
Toenemend geweld
In december 2025 vluchtten bijna 90.790 mensen uit Zuid-Kivu naar Burundi. De meesten van hen verblijven in het vluchtelingenkamp van Busuma, in de gemeente Ruyigi. Dat kamp is echter al overbevolkt en niet uitgerust om deze toestroom op te vangen. De omstandigheden zijn er schrijnend: er is onvoldoende onderdak, een tekort aan warme kleding en een gebrek aan water, … Vooral kinderen, zwangere vrouwen en ouderen lopen hierdoor ernstige risico’s, zoals onderkoeling, luchtweginfecties en ondervoeding.
Deze nieuwe crisis komt bovenop een al zwaarbelaste humanitaire context. De uitbreiding van M23 in Noord- en Zuid-Kivu en de intensieve gevechten in Ituri hebben geleid tot een ernstige verslechtering van de situatie, met massale volksverplaatsingen tot gevolg. Zo arriveerden in februari al 36.000 vluchtelingen, terwijl de terugkeer van nog eens 100.000 Burundezen uit Tanzania wordt verwacht. Daarnaast verergeren de gevolgen van recente overstromingen de noodsituatie verder. De schade aan gezondheidsinstellingen en de sluiting van sommige ziekenhuizen hebben de essentiële zorg verstoord, terwijl het aantal gewonden sterk toeneemt. Gezondheidsdiensten komen hierdoor onder zware druk te staan.
De conflictpartijen in de regio’s richten zich op jongeren door massale rekruteringscampagnes op te zetten. Hierdoor is het risico op ontvoering en gedwongen rekrutering van kinderen aanzienlijk toegenomen. De Democratische Republiek Congo heeft al een van de hoogste aantallen geverifieerde gevallen van kinderrekrutering in conflicten sinds de wereldwijde registratie begon in 2005.