Overconsumptie in de rijkste landen ter wereld vernietigt de leefomgeving van kinderen wereldwijd.
De rijkste landen ter wereld zorgen binnen hun grenzen voor een gezondere leefomgeving voor kinderen, maar dragen onevenredig veel bij aan de vernietiging van het wereldwijde milieu, waardoor het heden en de toekomst van alle kinderen wereldwijd in gevaar komen. Ook België scoort slecht op dit vlak.
FIRENZE /NEW YORK/BRUSSEL, 24 mei 2022 - De meerderheid van de rijke landen creëert ongezonde, gevaarlijke en schadelijke omstandigheden voor kinderen over de hele wereld, zo blijkt uit de laatste Report Card die vandaag is gepubliceerd door Innocenti, het UNICEF-onderzoekscentrum in Firenze.
Innocenti Report Card 17: Places and Spaces vergelijkt hoe 39 landen in de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en de Europese Unie (EU) het doen als het gaat over een gezonde omgeving voor kinderen. Het verslag bevat indicatoren zoals blootstelling aan schadelijke verontreinigende stoffen, waaronder giftige lucht, pesticiden, vocht en lood; toegang tot licht, groene ruimten en veilige wegen; en de bijdragen van landen aan de klimaatcrisis, het verbruik van hulpbronnen en het dumpen van elektronisch afval.
Volgens het rapport zou, als iedereen in de wereld evenveel hulpbronnen zou verbruiken als in de OESO- en EU-landen, het equivalent van 3,3 werelden nodig zijn om het consumptieniveau bij te houden. Als iedereen hulpbronnen zou verbruiken in het tempo waarin mensen in Canada, Luxemburg en de Verenigde Staten dat doen, zouden er ten minste vijf aardbollen nodig zijn.
Hoewel Spanje, Ierland en Portugal in het algemeen bovenaan de ranglijst staan, slagen alle OESO- en EU-landen er niet in om alle kinderen een gezonde omgeving te bieden. Enkele van de rijkste landen, waaronder Australië, België, Canada en de Verenigde Staten, hebben een ernstige en wijdverbreide impact op het mondiale milieu - gebaseerd op CO2-emissies, elektronisch afval en het totale verbruik van hulpbronnen per hoofd van de bevolking - en scoren ook laag als het gaat om het creëren van een gezonde omgeving voor kinderen binnen hun grenzen. De minst welvarende OESO- en EU-landen in Latijns-Amerika en Europa hebben daarentegen een veel geringere impact op de rest van de wereld.